De wildeman - Paraned

Zoeken
Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Mythen en sages > Nederland & België

De wildeman.

 

Er was eens een schermmeester die in de hele wereld bekend was. De koning die hem in dienst had, beloofde uit hoogmoed, omdat hij dacht dat het toch geen mens zou lukken, dat degene die van de schermmeester kon winnen met de prinses mocht trouwen.

Een jongeman die veel van de koningsdochter hield – zij hield ook erg veel van hem – kon behoorlijk vechten. Hij ging de uitdaging dus aan, maar kon de schermmeester niet de baas worden. Hij bracht het er nog levend vanaf, we; hield hij er een paar lelijke wonden aan over waar het bloed uitstroomde.

Bedroeft trok hij weg. In een vreemde stad leerde hij een oude man kennen die hem iets vertelde wat volkomen nieuw voor hem was. Volgens de oude man moest hij namelijk nog een broer hebben. Die jongen was als kind het bos ingegaan en er nooit meer uitgekomen. De beren hadden hem grootgebracht en nu was hij een reus van een kerel, wild en sterk als een beer, maar hij kwam nooit buiten het bos.

De jongen liet zich vertellen waar dat bos te vinden was, en reed uit om zijn broer te zoeken. Een hele tijd reed hij door het bos zonder een levend schepsel te zien. Uiteindelijk bond hij zijn paard vast en klom in een hoge boom, vanwaar hij naar alle kanten uit kon kijken. Net zat hij bovenin de top toen een wilde, woeste man uit de struiken tevoorschijn kwam die op het paard toeliep. Dat schrok van die vreemde verschijning en het begon te schoppen en te steigeren. Maar al snel zat de reus op zijn rug;  hij was zo sterk dat het paard hem niks kon maken. Hij bleef zitten.

De man in de boom begreep dat hij zijn broer gevonden had. Vrolijk riep hij: ‘Ho, ho, wat zeg je van mijn paardje?’
De wildeman keek naar boven en toen hij de jongen in de boom zag zitten, wilde hij de boom met wortel en al uit de grond trekken. Maar dat lukt hem niet zo gauw, dus begon hij eraan te schudden. De jongen wist toch handig naar beneden te klimmen en sprak zijn broer rustig toe.

Hij praatte zo verstandig met hem, dat ze algauw goede vrienden werden. Toen vertelde hij de wildeman van de schermmeester en van de koningsdochter, en vroeg zijn broer of die niet eens een keer met de schermmeester wilde vechten.

Dat wilde hij wel en meteen trokken ze erop uit.

<<< Vorige ... Volgende >>>

 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu